Waarom we de kinderen moeten terughalen

Terughalen van de kinderen en hun moeders een zaak van elementaire menselijkheid. Nederland is een beschaafd land, en wij mogen onze afschuw van de gruweldaden van IS niet afreageren op onschuldige kinderen. We mogen geen onrecht met onrecht vergelden, en geen haat met haat beantwoorden.

Alle moeders zullen bij terugkeer in Nederland door justitie aan een grondig onderzoek worden onderworpen en als blijkt dat er strafbare feiten zijn gepleegd dan zullen ze daarvoor gestraft worden. De moeders beseffen dat ook.

Als we niets doen, zullen de vrouwen en kinderen nog jaren in de kampen moeten blijven. Hun afkeer van Nederland zal toenemen en de kinderen zullen radicaliseren onder invloed van de IS-cultuur in de kampen. Wanneer Nederland uiteindelijk door de rechter of onder internationale druk toch gedwongen wordt de vrouwen en kinderen terug te nemen, zullen ze zich hier niet welkom voelen en de neiging hebben zich af te zetten tegen de Nederlandse maatschappij.

Argumenten tegenstanders

Veel Nederlanders zijn op emotionele gronden tegen het terughalen van de kinderen. Dit komt door de afschuwelijke TV-beelden van IS-gruweldaden die we allemaal gezien hebben.  Mensen reageren vaak geprikkeld op het voorstel om de kinderen terug te halen. De tegenstand tegen het terughalen van de kinderen wordt door sommige media en politieke partijen versterkt door speculaties over mogelijke terreurdaden die de vrouwen en kinderen na terugkeer in Nederland zouden kunnen gaan plegen.

Regeringspartijen VVD, CDA en ChristenUnie zijn bang voor het weglopen van kiezers wanneer zij zouden instemmen met het terughalen van de kinderen Zij rechtvaardigen hun tegenstand met de volgende argumenten:

  • Terughalen van de kinderen leidt automatisch tot het terughalen van de moeders vanwege het recht op gezinshereniging;
  • de moeders zijn medeschuldig aan genocide vanwege hun besluit zich aan te sluiten bij IS;
  • de moeders moeten in de regio berecht worden omdat daar de bewijzen liggen voor hun misdaden;
  • de moeders moeten in de regio berecht worden om genoegdoening te verschaffen aan de lokale bevolking;
  • ophalen van kinderen en moeders levert veiligheidsrisico’s op voor Nederlandse hulpverleners
  • de moeders zouden na terugkeer in Nederland hier mogelijk terreurdaden kunnen plegen

De argumenten tegen het terughalen van de moeders zijn intussen voor een groot deel achterhaald. De bewijzen voor de misdaden die de moeders gepleegd hebben, zijn intussen door de MIVD in Syrië verzameld en liggen al klaar in Den Haag. Uitzonderingen daargelaten zullen de vrouwen zich in het algemeen minder bezondigd hebben aan oorlogsmisdaden dan de mannen. Koerdische autoriteiten vinden het daarom niet nodig om de vrouwen te vervolgen. Er zijn geen aanwijzingen dat de plaatselijke bevolking in Irak of in Syrië behoefte heeft aan een lokale berechting van de vrouwen. En tenslotte hebben de Amerikanen en het Rode Kruis aangeboden om te assisteren bij het terughalen van vrouwen en kinderen.

Al sinds begin 2018 staat de Raad voor de Kinderbescherming klaar om de kinderen op te vangen bij hun terugkeer in Nederland (NRC 20 februari 2018). Door politieke onwil is er echter nog steeds niets gekomen van het ophalen van de kinderen.

Een goed overzicht van de argumenten om de kinderen en hun moeders terug te halen wordt ook gegeven in het rapport “Waarom de Belgische kinderen van jihadistische strijders repatriëren?” van het Belgische BRINGTHEMBACK COLLECTIF.